Sanomedia betaalt geen geld terug, ondanks wanprestatie!

Al negen maanden functioneert dit weblog niet naar behoren.
Om die reden heb ik in het verleden meerdere malen gevraagd wat er met mijn vooruit betaalde abonnementsgeld zou gaan gebeuren.

Ik kreeg het bericht terug dat alle abonnementsgeld zou worden opgeschort totdat de blogs naar behoren zouden functioneren.

Nu heeft Sanomedia echter gemeld dat ik géén geld terug kan krijgen. In ruil voor alle blog-ellende heb ik een half jaar een gratis abonnement gekregen.

Maar in dat halve jaar kon ik niets met dit weblog. Het staat vol met diacrytische tekens en 90% van de foto’s is zoek geraakt.

Sanomedia laat je dus gewoon betalen voor iets waar ze bijna niets voor leveren.

Moet ik ook mijn abonnementsgeld betalen voor een krant die wel bezorgd wordt maar waarbij de teksten grotendeels onleesbaar zijn?

Daarom een waarschuwingen voor mensen die een betaald abonnement willen nemen: bij Sanomedia is je geld niet veilig!

Ziekelijke verzamelzucht

In mijn vorige werk kwam ik regelmatig op adressen waar de vervuiling ernstig toe had geslagen.

Soms kon ik nergens zitten en moest ik tijdens het gesprek blijven staan. Of als ik ging zitten wist ik nooit waar ik op ging zitten. Zo bleek ik ooit in een kamer (met de gordijnen dicht) op een cavia te zijn gaan zitten. Terwijl ik toch echt niets tegen cavia’s heb. Mijn broek kon vervolgens ook in de was, want de bank was nat van de urine.

Rommel 
Ik was altijd benieuwd hoe het komt dat mensen zichzelf en hun omgeving zxf3 verwaarlozen. In de loop der jaren heb ik daar wel allerlei verklaringen voor gevonden. En ook verschillende vormen van aanpak. Soms hielpen ze prima, soms tijdelijk, maar het kon ook zo zijn dat je toch de verkeerde keuze maakte. De geleidelijke benadering leek meestal het beste aan te sluiten (stapje voor stapje opruimen).

Er zijn mensen die alles in huis precies willen ordenen, zoals de mevrouw die in de keuken de apparaten op alfabet heeft staan. Er mag dan ook niets veranderen. Dat gedrag wordt gezien als een (gevolg van) een dwangneurose.

Niets weg kunnen gooien

Dit verzamelen lijkt hetzelfde, maar dan omgekeerde: het niets weg kunnen gooien. Exe9n van mijn clixebnten verzamelde alle folders die door de brievenbus gegooid werden. Je wist immers maar nooit of je een aanbieding nog een keer kon gebruiken? Het hielp hem helemaal niet als uitgelegd werd dat aanbiedingen tijdelijk zijn… Het gevolg van deze verzamelwoede was dat hij een uur in de wind stonk. Hij kon zich niet meer wassen, want hij kon niet meer bij de wasbak…

Aparte stoornis (?)

In het nieuwe psychiatrische handboek DSM V wordt deze ongebreidelde neiging tot verzamelen als een aparte stoornis geclassificeerd. De oorzaak lijkt te zijn dat deze mensen (ook volgens processen in de hersenen) niet in staat zijn om onderscheid te maken wat belangrijk is en wat niet belangrijk is. Dus bewaren ze alles. Over die processen in de hersenen kun je nog wel wat discussie voeren. Feit is wel dat het vermogen tot onderscheid maken volgens andere patronen verloopt dan andere mensen zich vaak kunnen indenken.

De Stichting Xenephora organiseert op 15 november een congres over hulpverlening aan deze grenzeloze verzamelaars.

WordPress

Helaas is na bijna vijf maanden de migratie van mijn weblog nog steeds niet op orde.

Inmiddels ben ik bij WordPress een ander weblog begonnen.

Je kunt mij vinden op www.henk50.wordpress.com

Zie je daar!

Kleintje Groningen: Bellingwolde

Bellingwolde 1 

 

Vandaag start een serie van 12 afleveringen over kleine dorpen.

 

Dat het er 12 zijn komt doordat Nederland twaalf provincies heeft.

 

Uit iedere provincie wordt één dorp uitgelicht.

 

We beginnen in de provincie Groningen.

 

 Nee, Bellingwolde is lang niet het kleinste dorp van de provincie Groningen.

 

Krassum, dat ik ook ooit eens beschreef, telt maar twee boerderijen.

 

Bellingwolde is heel wat groter, maar niet erg bekend. Eigenlijk is dat niet terecht, want Bellingwolde is een mooi dorp. Opmerkelijk is dat het weekblad Elsevier de gemeente Bellingwedde tot de slechtste gemeente van Nederland benoemde. De burgemeester (met een opvallend grote snor) is het daar niet mee eens. En de plaatselijke raadsleden kijken opvallend vrolijk uit hun ogen. Het is kennelijk maar hoe je het bekijkt. En wij vonden Bellingwolde dus in ieder geval een mooi dorp.

 

 De naam Bellingwolde verwijst naar wold, naar bos dus. De meeste mensen denken bij de provincie Groningen aan een weids landschap met vlakke akkers. Maar dat is het Hoogeland, het land tegen de Waddenzee aan.

 

Een groot deel van de provincie is echter bedekt door bossen. Het lijkt hier af en toe de Veluwe wel. Kijk je wat beter, dan zie je dat de rijen bomen de suggestie wekken van bos. Het is het zogenaamde coulissenlandschap. Tussen de bomenrijen bevinden zich beschutte percelen land.Bellingwolde 2Ook In Bellingwolde staan opvallend veel bomen. We regenden er behoorlijk nat, terwijl het al een kwartier droog was. Dat kwam door de nadruppelende bomen. Bellingwolde ligt (evenals een aantal andere groene Groningse dorpen) op een zandrug.

 

 Bellingwolde is een vier kilometer lang lintdorp tegen de grens met Duitsland aan. Het dorp telt  samen met genabuurde omringende dorpen ongeveer 3500 inwoners. Even ten oosten van het dorp bevindt zich het Vereenigd of B.L. Tijdenskanaal, dat bij Nieuweschans aansluit op de waterverbinding met de Dollard. Fiets je de brug over het kanaal over, dan ben je een paar honderd meter van de Duitse grens. Bellingwolde 3In het dorp bevindt zich de historische Magnuskerk. Ook vind je er het rechthuis. In het noorden van het dorp is nieuwbouw, verder heeft het dorp zijn landelijke en historische uitstraling behouden.

 

 Aan het eind van de 19e eeuw was het graan erg prijzig. Het brood werd dus duur betaald. De vruchtbare grond rond Bellingwolde leverde heel wat mud aan graan op. De boeren profiteerden daar van en dat is nog steeds te zien aan de kapitale boerderijen in het dorp (dat tevens beschermd dorpsgezicht is). Eén van die boerderijen zie je op de foto. De keerzijde van deze welvaart was de enorme armoede onder de landarbeiders. Twee maal brak er een opstand uit. 

 

Borderline gespiegeld

Bijna een heel team was gesneuveld op één cliënt.

De cliënt had als diagnose borderline. Over het algemeen ben ik niet zo van de diagnoses. Je ziet door zo’n ‘etiket’ de mens niet meer. Hij wordt een ‘wat’ in plaats van een ‘wie’. Maar bij borderline heb ik wel zo iets van: het is goed als behandelaars of begeleiders daar van tevoren van op de hoogte zijn. Want de ernstige vormen van borderline brengen grote risico’s voor begeleiders én voor cliënten zelf met zich mee. Dat komt door de destructiviteit die zo kenmerkend is voor borderline.

De cliënt had inmiddels bijna alle begeleiders ‘versleten’. Het patroon was kenmerkend. Eerst was de nieuwe begeleider de beste die er was. En de vorige was de slechtste die er ooit geweest was. Maar na ongeveer drie maanden ontstonden er ook weer conflicten met de nieuwe begeleider. En uiteindelijk werd de begeleider de deur gewezen. Ze kwam er nooit meer in! Dat is één van de controle-mechanismen van mensen met borderline: de ander komt er nooit meer in!

Hoe ga je daar nu als begeleider mee om? Eén van de vuistregels bij het omgaan met mensen met borderline-problematiek is dat je als begeleider niet op eieren moet gaan lopen. Je moet een wat ontspannen, laconieke stijl hanteren, met een lage expressed emotion.

Maar ja, dat kan ik gemakkelijk zeggen van achter mijn veilige bureau. De werkelijkheid is heel wat complexer. Bovendien: als je hoort hoe complex de begeleiding is, waar haal je dan nog die ontspannen houding vandaan? En dat des te meer als je weet dat je ook zo maar aangeklaagd kunt worden…

Er werd een nieuwe begeleider ingewerkt. Door de enige begeleider die nog een ingang had en die het opmerkelijk lang had volgehouden. De nieuwe begeleider werd er onzeker van. Want zó goed als die andere begeleider wist hoe er begeleid moest worden… “Dat red ik nooit!” Dat is inderdaad ook vakwerk, wat die begeleider kan en aan kan. Daardoor heeft ze het zo lang vol gehouden.

En toch… wat hier gebeurde was een afspiegeling van de complexe relatie met een cliënt met borderline. De nieuwe begeleider was, vergeleken met de ervaren begeleider, degene die nergens voor deugde, die niets voorstelde. Dat waren niet de woorden van de vertrouwde begeleider, maar zo ervoer de nieuwe begeleider het.

Wat ze eerst nodig heeft is om uit dat zwart-wit-denken te komen. Ik ben geen slechte begeleider omdat de andere begeleider zo goed is. Ik ben op mijn manier een goed-genoeg begeleider.

Is het alléén autisme?

Henny Struik stelt in het boek ‘Niet ongevoelig’ (over vrouwen met autisme) dat veel vrouwen met autisme ten onrechte een andere diagnose krijgen, zoals borderline. Volgens haar missen de diagnostici van de GGZ veel te vaak de diagnose autisme bij vrouwen, omdat ze bij autisme aan een mannelijke stoornis denken. Bovendien ziet autisme er bij vrouwen anders uit dan bij mannen.

Voor een stukje zou Struik gelijk kunnen hebben, maar voor een ander deel pakt ze haar verhaal ook weer te massief op. Ze lijkt veel te veel vanuit het autisme te willen verklaren. Maar het is niet óf-óf, veel vaker is het én-én. Maar daarbij kan het wel best eens zo zijn dat er inderdaad in de vroege jeugd sprake was van autistische kenmerken.

Doordat de omgeving onvoldoende ingesteld was op het autisme ontwikkelde zich vervolgens een persoonlijkheidsstoornis. Of depressieve kenmerken of een burn-out als gevolg van overvraging.

Henny Struik noemt bijvoorbeeld een vrouw die van jongs af aan het gevoel had dat ze geadopteerd was. Ze hoorde er niet echt bij. Alsof ze een vreemde was in het gezin.

Een andere mevrouw kan tot in detail allerlei jeugdherinneringen vertellen. Mensen met autisme hebben vaak een fotografisch geheugen dat veel verder terug gaat dan bij andere mensen. Iemand met autisme kan soms dingen vertellen van wat er gebeurde op 2½ jarige leeftijd, zonder dat dit verhaal gekleurd is door verhalen van anderen. Mensen zonder autisme weten die gebeurtenissen niet, of ze hebben het van horen zeggen en kleuren het vervolgens als hun eigen ervaring in.

Of de mevrouw die minitieus over geuren kan vertellen. Ze heeft daarnaast buitengewoon scherp gehoor. Iedere nacht wordt ze om 03.20 wakker van een goederentrein die het dorp passeert.

Bij al deze vrouwen waren en zijn enkele kenmerken van autisme aanwezig. Maar ze hebben in de hulpverlening een andere diagnose gekregen. Vreemd is dat niet. Zo kun je bij de eerste mevrouw ook denken aan een hechtingsstoornis. Of aan een schizotypische ontwikkeling.

Mensen met een ijzersterk geheugen hebben ook een probleem. Je kunt maar beter af en toe wat vergeten. Want deze mensen hebben de neiging om alles (maar ook: iedereen) onder controle te houden. Dat kan leiden tot trekken van borderline.

Kijk je op een ontwikkelingsdynamische manier naar deze ontwikkeling, dan zie je kwetsbare kinderen (met trekken die bij autisme passen), die een speciale omgeving nodig hebben. Maar de gemiddelde omgeving is niet zo speciaal. Het gevolg is dat ze in hun ontwikkeling vastlopen, met bijvoorbeeld naast hun autisme een persoonlijkheidsstoornis, een depressie, een hechtingsstoornis, enzovoorts.

Het is dus én-én, en niet óf-óf.

Disfunctionele gezinnen (2)

Wat zijn kenmerken van het totale disfunctionele gezinssysteem? Vier belangrijke kenmerken op een rijtje…

1. De gezinsleden proberen onafhankelijk van elkaar te functioneren. Het liefst gaan ze hun eigen gang. Deze onafhankelijkheid is geen gezond emotioneel verschijnsel, maar een gevolg van het feit dat men zich bij elkaar niet veilig voelt. Men mijdt dus elkaar. De gezinsleden zijn zeer kritisch tegenover elkaar. Iedereen heeft het gevoel dat hij of zij op eieren moet lopen. De vlam kan zomaar weer in de pan slaan, iedere opmerking kan verkeerd uitpakken. Er zijn ook kinderen die jarenlang het contact met de familie verbreken.

2. Hoewel de onderlinge band tussen de gezinsleden zwak is wijt men de problemen aan de boze buiten-wereld. x93We wonen in een slechte buurt, de onderwijzer begrijpt ons kind niet, de buren gedragen zich negatief, de mensen in de kerk zijn achterbaks, de hulpverlening deugt nietx94. De kinderen krijgen vaak een boodschap mee om anderen niet te vertrouwen: x93Blijf maar uit de buurt. Je weet hoe Oom Gerard isx85.x94

3. Onderling wordt er tussen de gezinsleden weinig informatie uitgewisseld. Toch denkt, voelt en spreekt men voor elkaar. Gezinsleden vullen in hoe de ander denkt en voelt zonder de ander gesproken te hebben. Vaak verwijt men elkaar dat er geen contact gezocht wordt. Mevrouw Veenstra verwijt haar broer dat hij nooit op bezoek komt terwijl zij ook nooit het initiatief heeft genomen om hem op te zoeken.

4. In disfunctionele gezinnen is veel vaker dan in andere gezinnen sprake van psychische en psychosomatische klachten. Vaak zijn meerdere kinderen in het gezin om psychosociale redenen x91in therapiex92. Er is veel vaker dan in andere gezinnen sprake van vage lichamelijke klachten, die bovendien slecht behandelbaar blijken te zijn (bijv. moeilijk instelbare diabetes, langdurige rugklachten zonder duidelijke medische oorzaak).

Je bent een Rund(erkamp) als je met eenzijdige informatie stunt

Het onderzoek heb ik aan anderen overgelaten, zoals aan Dirk Jan Snel die zeer gedegen onderzoek heeft gedaan.

Zie: http://jandirksnel.wordpress.com/

Wat klopt er wél of niet aan de rapportage van Lex Runderkamp?
En wat zijn de gevolgen?

Inmiddels is de reportage van Runderkamp in het arabisch vertaald.
En wat verschijnt er in beeld? Een poster met Wanted!
In deze context staat dit gelijk met een aansporing tot moord.
Op wie? Op Paus Shenouda III, de leider van de Koptische kerk.

Natuurlijk wast Lex Runderkamp zijn handen in onschuld.
Hij is er immers niet verantwoordelijk voor wat anderen met zijn reportage doen?
Waarschijnlijk was hij wat naief tijdens het maken van de reportage. En heeft hij niet door gehad hoe gemakkelijk uitspraken hier de lont in het kruitvat kunnen zijn, met als gevolg een massamoord.

Maar dat hij (ondanks inmiddels allerlei bewijzen dat zijn bronnen niet zo betrouwbaar zijn geweest) toch zijn standpunt blijft herhalen getuigt van een grote mate journalistieke zwakheid.

Langs de Tjonger

De Weeren 2 Oorverdovend is de stilte in de Weeren, het zuidelijke deel van de Polder Oldelamer. Eigenlijk wist ik niet dat er in Nederland nog zoveel rust en stilte mogelijk is, behalve misschien in enkele buitendijkse gebieden.

Uiteindelijk kom ik uit bij een fietspad langs de Tjonger (ook wel de Kuinder genoemd). Daar vaart af en toe een plezierjacht en dat leidt toch weer tot wat meer onrust. Eigenlijk zouden hier alleen fluisterboten moeten zijn toegestaan.De WeerenWat wxe9l stil is is de veerpont over de Tjonger. Het kost heel wat zweetwerk om de zelfbedieningspont naar mijn oever te krijgen. Na een paar minuten moet ik zorgen dat hij toch weer even terug naar de (over)kant gaat, want er komt net een plezierjacht aan. Een aanvaring lijkt mij een duur grapje. Ook weet ik niet of de W.A.-verzekering zulke schade dekt. "Man (60) brengt plezierjacht op Tjonger tot zinken." Veerpont Tjonger 
Uiteindelijk kom ik al hijgend maar wel behouden aan de overkant. Via het dorpjes Rotstergaast en Nieuweschoot kom ik uit in het uitgestrekte Heerenveen. Deze plaats bestaat voornamelijk uit nieuwbouwwijken, alleen langs de oude hoofdwegen vind je nog wat meer historische bebouwing.

Ik fiets door het oude dorp Heerenveen, in feite een voormalige veenkolonie en ik breng nog even een bezoekje aan kennissen in de nieuwbouw in de buurt van het station. Heerenveen 1 In het 'oude' centrum van Heerenveen vind je de Crackstate. De naam heeft niets te maken met het zwaar verslavende middel crack. De vroegere eigenaar van deze stins had als achternaam Crack. Heerenveen 2 
Net als het begint te regenen ben ik op het station van Heerenveen. De fietsteller heeft er 85 kilometer bij opgeteld.

De eerste intercity naar Zwolle neemt mij niet mee, er is geen plaats voor de fiets. Bij de tweede intercity smokkel ik mijn fiets in een halletje waar geen fietsen mogen staan. De conducteur laat zich tot Zwolle niet zien.

 

Weststellingwerf

Spanga Na de Weerribben fiets ik via een brug over de Linde de provincie Friesland binnen. Hoewel ik daar nooit heb gewoond zijn de Friese genen wel zxf3 sterk dat deze provincie eigenlijk mijn thuisbasis is.

Vastomlijnde plannen omtrent een doel voor deze fietstocht heb ik nog steeds niet. Wel wordt de lucht steeds donkerder. De regen (en het onweer) die het KNMI voorspelde lijkt niet meer zo ver weg te zijn. Dus moet ik geleidelijk wel in de buurt van een station uitkomen. Regen is niet erg, maar onweer in het open land kan gevaarlijk zijn.

Eerst fiets ik nog een eindje naar het westen. Daar liggen binnen de gemeente Weststellingwerf een reeks dorpen die samen in feite een lintdorp vormen.

Het eerste dorpje is Spanga. De kerk is hier verdwenen. Wat resteert is een begraafplaats met een klokkenstoel. Je zult het misschien niet geloven, maar dit dorp met 200 inwoners is door de muziek op de kaart gezet: de Opera Spanga (zie: http://www.operaspanga.nl). Ook bevindt er hier zich een ooievaarsdorp. Hoewel het aantal inwoners van dit gebied geleidelijk daalt is er dus nog hoop voor de toekomst.ScherpenzeelNa Spanga volgt Scherpenzeel, deze keer niet in Gelderland, maar in Friesland. Ook dit dorp (met ruim 400 inwoners) heeft zichzelf op de kaart gezet. Hier groeide namelijk de stichter van New York op: Peter Stuyvesant. Toch staan er hier geen wolkenkrabbers, het is allemaal zeer landelijk.

Bij ScherpenzeelAf en toe fiets ik door de dorpen en dan weer over een smal fietspad dat kilometers lang door het veengebied van de Rottige Meenthe loopt. Beide routes zijn aardig om te fietsen.

MunnikeburenIn Munnekeburen heeft de tand des tijds de kerk aangetast. Het ziet er allemaal nogal verwaarloosd uit. Maar de kerk is wel het enige rijksmonument in dit dorp met 400 inwoners, dus daar moeten ze wel zuinig op zijn. Zo te zien is het niet meer in gebruik als kerkgebouw, want de leden van de PKN uit de zes dorpen in dit gebied kerken in Scherpenzeel. Polder Oldelamer Na Munnikeburen fiets ik de grote leegte van de Polder Oldelamer binnen. Op een afstand van drie kilometer fiets ik langs geen enkel huis of boerderij en ik kom geen enkele auto tegen. Je hoort alleen de vogels en het gezoef van mijn fietsbanden…Â