Vandaag start een serie van 12 afleveringen over kleine dorpen.
Dat het er 12 zijn komt doordat Nederland twaalf provincies heeft.
Uit iedere provincie wordt één dorp uitgelicht.
We beginnen in de provincie Groningen.
 Nee, Bellingwolde is lang niet het kleinste dorp van de provincie Groningen.
Krassum, dat ik ook ooit eens beschreef, telt maar twee boerderijen.
Bellingwolde is heel wat groter, maar niet erg bekend. Eigenlijk is dat niet terecht, want Bellingwolde is een mooi dorp. Opmerkelijk is dat het weekblad Elsevier de gemeente Bellingwedde tot de slechtste gemeente van Nederland benoemde. De burgemeester (met een opvallend grote snor) is het daar niet mee eens. En de plaatselijke raadsleden kijken opvallend vrolijk uit hun ogen. Het is kennelijk maar hoe je het bekijkt. En wij vonden Bellingwolde dus in ieder geval een mooi dorp.
 De naam Bellingwolde verwijst naar wold, naar bos dus. De meeste mensen denken bij de provincie Groningen aan een weids landschap met vlakke akkers. Maar dat is het Hoogeland, het land tegen de Waddenzee aan.
Een groot deel van de provincie is echter bedekt door bossen. Het lijkt hier af en toe de Veluwe wel. Kijk je wat beter, dan zie je dat de rijen bomen de suggestie wekken van bos. Het is het zogenaamde coulissenlandschap. Tussen de bomenrijen bevinden zich beschutte percelen land.Ook In Bellingwolde staan opvallend veel bomen. We regenden er behoorlijk nat, terwijl het al een kwartier droog was. Dat kwam door de nadruppelende bomen. Bellingwolde ligt (evenals een aantal andere groene Groningse dorpen) op een zandrug.
 Bellingwolde is een vier kilometer lang lintdorp tegen de grens met Duitsland aan. Het dorp telt samen met genabuurde omringende dorpen ongeveer 3500 inwoners. Even ten oosten van het dorp bevindt zich het Vereenigd of B.L. Tijdenskanaal, dat bij Nieuweschans aansluit op de waterverbinding met de Dollard. Fiets je de brug over het kanaal over, dan ben je een paar honderd meter van de Duitse grens. In het dorp bevindt zich de historische Magnuskerk. Ook vind je er het rechthuis. In het noorden van het dorp is nieuwbouw, verder heeft het dorp zijn landelijke en historische uitstraling behouden.
 Aan het eind van de 19e eeuw was het graan erg prijzig. Het brood werd dus duur betaald. De vruchtbare grond rond Bellingwolde leverde heel wat mud aan graan op. De boeren profiteerden daar van en dat is nog steeds te zien aan de kapitale boerderijen in het dorp (dat tevens beschermd dorpsgezicht is). Eén van die boerderijen zie je op de foto. De keerzijde van deze welvaart was de enorme armoede onder de landarbeiders. Twee maal brak er een opstand uit.Â